Rosreco Nederland BV GEBRUIKTE KOEL-OPLOSSINGEN

Rosreco Nederland BV

P.O.box 17121  1001JC Amsterdam  The Netherlands

contact  

 


 

Homepage Voorraadlijsten Over Rosreco Wist u dat... Adressen

NVKL-ledenbrief 30-9-2002: uitbreiding bestaande R22-installaties

Op 1 oktober 2000 trad de EU-verordening 2037/2000 in werking. Daarmee is het gebruik van R22 in na 31 december 2000 vervaardigde installaties of apparatuur, vanaf 1 januari 2001 niet meer toegestaan. De Verordening maakt alleen een uitzondering voor vaste airconditioninginstallaties met een koelvermogen tot 100 kW (daarvoor gold de datum 1 juli 2002) en voor omkeerbare warmtepompinstallaties (daarvoor geldt 1 januari 2004).

Direct na 1 januari 2001 werd ons van diverse kanten gevraagd: "En hoe zit het met het uitbreiden van bestaande R22-installaties?" Deze vraag, met inhoudelijke informatie over de bestaande installatie en beoogde uitbreiding, werd dan voorgelegd aan de VROM-Inspectie. Daarbij waren vooral de volgende vier onderwerpen van belang:

Gebruik van koudemiddelIen de Verordening is het gebruik van koudemiddel gedefinieerd als het gebruiken van gereguleerde stoffen (o.a. van R22) bij de productie of het onderhoud, met name het navullen van installaties of apparatuur.

Vervaardigen  De Verordening spreekt zich uit over het niet meer mogen gebruiken van gereguleerde stoffen (zoals R22) als koudemiddel, in na een bepaalde datum vervaardigde apparatuur. Het is hierbij niet van belang of deze apparatuur is vervaardigd uit oude, tweedehands verkregen dan wel nieuwe componenten.

Verplaatsen  De VROM-Inspectie gaat er vanuit dat een bestaande R22-installatie binnen een inrichting mag worden verplaatst, mist geen wijziging optreedt in de componenten en de hoeveelheid koudemiddel. Onder deze omstandigheden is geen sprake van nieuw vervaardigde apparatuur, immers de bestaande koelinstallatie wordt niet gewijzigd en de beheerder en de vergunninghouder (van de inrichting) blijven dezelfde.
Indien de koelinstallatie buiten de bestaande inrichting wordt geplaatst gaat de VROM-Inspectie er van uit dat sprake is van na een bepaalde (verbods)datum vervaardigde apparatuur, omdat de omstandigheden gewijzigd zijn (andere beheerder, andere vergunninghouder) en de opbouw gepaard zal gaan met nieuwe leidingen, funderingen enz.

Veranderen  De VROM-Inspectie hanteert de stelling dat het veranderen van een bestaande R22-koelinstallatie binnen een inrichting, zoals het toevoegen van bijvoorbeeld een extra verdamperblok of condensor, is toegestaan. Zolang niet het merendeel van de onderdelen of compressoren is vervangen, is er sprake van verandering van een bestaande R22-installatie en niet van een nieuwe installatie. Met andere woorden, als het aanbrengen van veranderingen zodanige vormen aanneemt dat het merendeel (>50%) van de onderdelen of componenten wordt vervangen door andersoortige onderdelen of componenten is er sprake van een nieuwe installatie.

Het zal u duidelijk zijn dat "onze" discussie met de VROM-inspectie ook in de andere lidstaten en op Europees niveau is gevoerd. In mei 2002 hebben de Europese Commissie en het management comité hierover, in hun streven om een eind te maken aan de "uitbreidingsdiscussie" en de daaruit voortvloeiende interpretatieverschillen, een uitspraak gedaan.

De uitspraak komt er in het kort op neer dat:

Het doel van de EU-verordening 2037/2000 is het voorkomen van nieuwe R22-installaties. Het retrofitten van bestaande CFK-installaties, of het repareren van bestaande R22-installaties door middel van het vervangen van een vitaal onderdeel is toegestaan:

mits de hoeveelheid koudemiddel niet toeneemt.

Uitbreiding, hoe klein dan ook, gaat bijna altijd gepaard met toename van koudemiddelinhoud. Wij stellen daarom vast dat op basis van bovenstaande uitspraak; "mits de hoeveelheid niet toeneemt" een eind is gekomen aan de beperkte mogelijkheid tot uitbreiding van bestaande R22-installaties. De VROM-Inspectie heeft ons laten weten dat zij zich daaraan, met onmiddellijke ingang, zullen houden.